INHOUDSOPGAVE | TERUG

Redactioneel

Misverstanden

Enige tijd geleden maakte een deelnemer aan een televisiedebat zich kwaad over het 'onverantwoordelijke milieubeleid' van de Nederlandse regering. Hoe was het in hemelsnaam mogelijk dat de subsidies op wind- en zonne-energie werden beknot, terwijl recente metingen toch hadden aangetoond dat de luchtkwaliteit in Nederland 'op een dieptepunt' was aangeland.

Tja, dit standpunt moet op een misverstand berusten. Groene energie en luchtkwaliteit zijn twee verschillende dossiers. Het eerste betreft een langetermijnprobleem: de zorgen over klimaatverandering als gevolg van het gebruik van fossiele brandstoffen; het tweede is urgenter en houdt verband met de uitstoot van verontreinigende gasvormige stoffen in stedelijke gebieden, vooral door het verkeer. Bovendien klopte het argument niet: de luchtkwaliteit in stedelijke gebieden is de afgelopen jaren gemiddeld juist verbeterd dankzij een aantal Europese beleidsmaatregelen en de bijbehorende ingrepen van de olie- en auto-industrie. En de oplossing van de nog overgebleven problemen, met name de uitstoot van stikstofoxiden en fijn stof zoals roetdeeltjes, ligt binnen handbereik. De technologie die we daarvoor nodig hebben zoals het aanbrengen van roetfilters is beschikbaar. Kortom, de bijdrage aan het debat was een onvervalste slag in de lucht.

Een ander voorbeeld: het broeikasgas kooldioxide. We hoorden een Belgische gezagsdrager onlangs beweren dat we 'nu toch echt iets tegen de uitstoot van deze giftige stof moesten doen'. Giftig? Als dat waar zou zijn, zouden u en ik het tijdelijke allang voor het eeuwige hebben verwisseld. Er zou geen sprietje meer op aarde groeien. Kooldioxide komt (gelukkig) van nature voor in de atmosfeer. Alle mensen en dieren ademen het uit; planten kunnen niet zonder. En juist doordat dit broeikasgas de atmosfeer heeft verrijkt, zijn de temperaturen op aarde hoog genoeg om het leven zoals wij het nu kennen mogelijk te maken. Waar we ons zorgen over maken is dus niet de 'giftigheid' van kooldioxide, maar het risico op klimaatverandering als gevolg van de extra uitstoot van broeikasgassen door menselijke activiteit.

Dit soort misverstanden is helaas symptomatisch. Emoties winnen het niet zelden van feitenkennis en gezond verstand. Daar kunnen we op twee manieren op reageren. Of we negeren het onder het motto dat er toch geen kruid tegen onwetendheid is gewassen, of we gaan de discussie aan en proberen ons bij de objectieve feiten te houden.

Het laatste is en blijft natuurlijk het beste. Dus roepen we iedereen op die wel van de hoed en de rand weet, te blijven vertellen dat fossiele brandstoffen de komende decennia onmisbaar zijn voor onze energievoorziening, dat we de milieuvraagstukken die daarmee verbonden zijn absoluut serieus moeten nemen, maar dat we alleen werkbare oplossingen zullen kunnen bedenken als we bereid zijn de feiten onder ogen te zien.

Anton Buys

 Print