INHOUDSOPGAVE | TERUG

Te koop: kennis en ervaring

Dat ExxonMobil aardolie en petroleumproducten verwerkt, is niets nieuws. Minder bekend is dat het bedrijf een deel van de technologische kennis die daarbij komt kijken, in licentievorm verkoopt aan derden. Willy De Koster, High Pressure Process Technical Manager bij ExxonMobil Chemical, legt uit hoe een en ander in zijn werk gaat op zijn werkgebied: de productie van polyethyleen.

TEKST: JAN H. VERBANCK | FOTO'S: EXXONMOBIL


'Met aardolie kun je twee kanten uit,' begint Willy De Koster: 'richting brandstof, dat onder andere te koop is bij Esso, en chemicaliën. Bij de distillatie en raffinage – dat wil zeggen zuivering – van petroleum ontstaan bekende eindproducten als LPG, kerosine, benzine, diesel, stookolie en teer, in oplopende volgorde van zwaarte. Je kunt de grote aardoliemoleculen ook opsplitsen in kleinere, lichtere componenten om ze – zoals dat heet – te converteren. Dat is wat gebeurt in de petrochemische industrie, in fabrieken die wij 'krakers' noemen.'

Knowhow | De chemische industrie beperkt zich niet tot het opsplitsen van moleculen. Korte, uit elkaar gehaalde complexe oliemoleculen kunnen ook op allerlei manieren weer aan elkaar worden geschakeld in chemische en fysische processen waarover ExxonMobil in de loop der jaren veel kennis heeft verworven. De beschikbare knowhow en ervaring wordt in de eerste plaats gebruikt om de eigen productieprocessen te optimaliseren. Bijvoorbeeld in de fabrieken van Exxon- Mobil Chemical in Meerhout en Zwijndrecht, de Antwerp Polymers Plant en Meerhout Polymers Plant, waar omvangrijke reactoren zijn gebouwd voor het grootschalig omzetten van ethyleen – een van de eindproducten van zogeheten stoomkrakers – in polyethyleen en andere afgeleide, gespecialiseerde kunststoffen. De belangrijkste voordelen van deze kunststoffen zijn een laag gewicht, sterkte, flexibiliteit, waterdichtheid en veelzijdigheid. Consumenten komen ze in uiteenlopende toepassingen tegen, van draagtassen, drinkbekers en verpakkingen tot diepvrieszakjes of tussenlagen in kartonnen drankverpakking.

Er zijn verschillende manieren om polyethyleen te maken: onder lage druk met behulp van een katalysator of onder hoge druk (2000-3000 bar) en temperatuur (>200°C), zoals in Antwerpen en Meerhout. Ook de kennis en chemische technologie achter die processen en bewerkingen is bij ExxonMobil te koop. 'We verkopen als het ware fabrieken op papier. De chemische processen en bedrijfsvoering zijn onze intellectuele eigendom en via een systeem van licenties kunnen we die te gelde maken.' Die commercialisering van technologie is een behoedzame bezigheid, want het is niet de bedoeling dat de beschikbare kennis zonder meer wordt prijsgegeven.

<De commercialisering van technologie
is een behoedzame bezigheid.>

Geheimhouding vereist | Naast de twee Belgische fabrieken heeft ExxonMobil nog drie andere locaties waar de kennis achter de productie van polyethyleen toegepast en verfijnd wordt: in Baton Rouge (Louisiana) en Beaumont (Texas) in de Verenigde Staten, en in Kemya in Saoedi-Arabië. 'In de hogedrukprocessen hebben we opnieuw twee fundamentele keuzemogelijkheden: buisreactoren voor de chemische omzetting of een vat waarin een roerder tijdens de reactie voor de menging zorgt. De producteigenschappen die je wilt bekomen, bepalen in hoge mate de keuze van de reactortechnologie.' Het is de taak van de technologiegroep, waartoe Willy De Koster en zijn mensen behoren, voor de eigen fabrieken technologische verbeteringen te bedenken, problemen te onderzoeken en oplossingen voor te stellen, de mogelijkheden van de installaties uit te breiden door onder andere de productiecapaciteit te verhogen en ten slotte alternatieven te bedenken voor de ontwikkeling van nieuwe of betere producten. Een klant die interesse heeft om een fabriek met zo'n reactor voor polyethyleenproductie te bouwen, kan bij ExxonMobil aankloppen om een licentie te kopen, zowel voor een buis- als voor een vatreactor. Het scheelt of de klant al ervaring heeft met polyethyleenproductie of niet. Daarom willen de medewerkers van de Licensing Division van ExxonMobil eerst te weten komen hoever de klant mee kan en wil in de besprekingen over producten en processen. Blijkt de interesse echt serieus, dan wordt een 'agreement' opgesteld, waarna de informatie-uitwisseling op gang komt, op voorwaarde van strikte confidentialiteit. In dat stadium zorgt de technologiegroep voor de invulling van de technische details van de besprekingen.

Meerhout Polymers Plant

Wederzijds nut | Waarom zou je eigenlijk technologie aan je concurrenten verkopen? Willy De Koster bekijkt het allemaal behoorlijk nuchter: 'De technologie is er sowieso. Dan kunnen we die toch net zo goed ten dienste stellen van anderen. In dien je dat niet doet, zullen potentiële klanten in zee gaan met andere bedrijven. Concurrentie voor de eigen fabrieken krijg je dus toch. In de licensing gaan we bovendien niet experimenteren of avonturieren, maar spelen we op zeker door enkel bewezen technologie aan te bieden en te implementeren.' Het aantal eigen fabrieken blijft beperkt, maar het aantal mogelijkheden om licenties te verkopen juist hoog. Dat biedt dus toch weer kansen om te leren en vooruitgang te boeken, ondervindt Willy De Koster. 'Door de ervaring die we bij de implementatie opdoen en de verbeteringen die we aanbrengen, blijven we ontwikkelen. Daarin schuilt het wederzijdse nut van het verlenen van fabrieklicenties. Zowel ExxonMobil als de klant heeft er commercieel voordeel van.'

<Zowel ExxonMobil als de klant
heeft er commercieel voordeel van.>

Bij de ondertekening van de licentieovereenkomst liggen de krijtlijnen voor de capaciteit en productportfolio van de nieuwe fabriek vast. Daarna volgt de ontwikkeling van het procesontwerppakket, die zes tot negen maanden in beslag neemt, waarna de 'engineering en constructie contractor' aan de slag kan. Je kunt het vergelijken met de opeenvolging van architect en aannemer bij de bouw van een woning. 'Als de fabriek er bijna staat, doen onze mensen de laatste veiligheidsinspectie om daarna te helpen bij het opstarten van de eenheid,' vult Willy De Koster aan, 'en na de opstart blijven we stand-by om te checken of alles klopt met wat was afgesproken en de klant dus krijgt waar hij recht op heeft.'

Onze baby | De klant runt zijn fabriek zelf, maar in een overeenkomst kan bepaald worden dat de doorgegeven informatie en kennis geregeld wordt geactualiseerd. Problemen moeten op tafel komen en ExxonMobil verbindt er zich toe om verbeteringen te communiceren en technologische ondersteuning te blijven geven, zeker wanneer veiligheid of milieuaspecten in het geding zijn.

'Een autoconstructeur roept een defecte auto terug naar de fabriek, niet?' luidt het bij Willy De Koster. 'Wel, op dezelfde manier nemen wij hier ook onze verantwoordelijkheid. Die technologie blijft hoe dan ook onze baby. Of het nu een eigen kind – lees: een eigen fabriek – of een aangenomen kind – lees: een fabriek voor een klant – is, je blijft ervoor zorgen. De nazorg bepaalt trouwens mee je reputatie en of je nog andere licenties in de wacht zult slepen of niet.'

Vooral fijn aan dit werk is het brede terrein dat de activiteit omvat, besluit Willy De Koster nog. 'Onze groep komt in veel landen met uiteenlopende culturen, ook bedrijfsculturen, in aanraking. Een nieuw project is telkens weer een uitdaging, waarmee je maandenlang uit de dagelijkse sleur stapt en in een nieuwe, dynamische omgeving terechtkomt. Onze eigen installaties worden stilaan een dagje ouder en via de licensing krijgen we in onze branche echt met het neusje van de zalm te maken.'

 Print